Afgelopen donderdag een 38-jarige vrouw uit Leeuwarden zich verantwoorden voor de kantonrechter in de Friese hoofdstad. Zij moest voorkomen in maar liefst twintig strafzaken. Het ging om uiteenlopende feiten, zoals het slapen op een station, zwartrijden, roken waar dat niet is toegestaan en andere overtredingen.
Onze cliënte werd bijgestaan door raadsvrouwe José Horsten. In twaalf van de twintig zaken volgde een vrijspraak.
In alle zaken speelde een vergelijkbaar punt: het proces-verbaal was niet kort na het incident opgemaakt, maar pas maanden later. In meerdere zaken waren de processen-verbaal zelfs op maanden na het feit op één en dezelfde dag opgemaakt.
Hoewel de wet regelt dat het bewijs mag worden gebaseerd op het op ambtseed opgemaakte proces-verbaal van een politieagent, zag de kantonrechter in twaalf zaken onvoldoende grond om de daarin opgenomen waarnemingen en herinneringen voor waar aan te nemen. Dit vooral omdat onze cliënte de door de politie vermelde bevindingen betwistte. De tijd die was verstreken tussen het incident en het opmaken van het proces-verbaal speelde daarbij voor de rechter een belangrijke rol. Om die reden volgde in die zaken een vrijspraak.
Deze zaken laten zien dat ‘kleine’ strafzaken niet bestaan. Ook wanneer het gaat om een overtreding met een relatief beperkte straf, staat er voor een verdachte iets op het spel. Een kritische beoordeling van het bewijs en goede rechtsbijstand kunnen dan het verschil maken.
Anker & Anker Strafrechtadvocaten, ook in pro-deozaken!