Staatssecretaris Teeven heeft op 7 april jl. in de Tweede Kamer aangegeven na te gaan in hoeverre het mogelijk is om na een ernstig misdrijf van derden (buurtgenoten, familieleden, voorbijgangers) celmateriaal ten behoeve van een dna-onderzoek verplicht af te nemen. Mr. Tjalling van der Goot heeft in een vraaggesprek met BNR-radio verklaard het met dit voorstel fundamenteel oneens te zijn. “Het doel heiligt niet de middelen.” Het is een verregaande inbreuk op de lichamelijke integriteit, die – onder strikte voorwaarden – beperkt moet blijven tot verdachten en veroordeelden. Van der Goot is bovendien bezorgd over de bescherming van de registratie van deze gevoelige gegevens.
Daarnaast heeft minister Opstelten een wetswijziging voorgesteld waarbij – in de visie van Van der Goot – de ‘privacy op de schop’ gaat. De burgemeester krijgt verregaande bevoegdheden om preventief fouilleren mogelijk te maken. De burgemeester krijgt – naast de reeds bestaande bevoegdheden ten aanzien van bijvoorbeeld bestuurlijke ophouding en tijdelijke huisverboden - volgens de raadsman daardoor (te) veel macht.
Daarnaast worden de fouilleringsbevoegdheden voor agenten en arrestantenverzorgers uitgebreid.
Van der Goot vindt dat de maatregelen passen in een trend warbij privacy minder belangrijk is. De regering huldigt het credo ‘wie niets te verbergen heeft, heft niets te vrezen’. Het is echter een illusie dat de tendens wearbij camera’s boven de weg hangen, kentekens worden geregistreerd, camera’s in binnnensteden opnames maken, pasfoto’s ten behoeve van paspoorten worden gebruikt voor de opspring, telefoon- en dataverkeer jarenlang wordt bewaard enz. enz. tot een veiliger samenleving leiden. De – onschuldige – burger is dus de verliezer!
Klik hier om het interview te beluisteren.