Op vrijdag 23 november 2007 om 14.00 dient ten overstaan van het gerechtshof in Leeuwarden een tweetal zaken in hoger beroep. Het betreffen beide zaken waarin het OM appel heeft ingesteld tegen door de kantonrechters in Sneek en Emmen uitgesproken vrijspraken.
Op donderdag 1 februari 2007 heeft de kantonrechter in Emmen een 49-jarige inwoner van Borger vrijgesproken van een snelheidsovertreding. Dit omdat de verbalisant in het proces-verbaal niet de afstand van de lasergun tot de rijlijn had vermeld. Op 1 december 2006 sprak de kantonrechter in Sneek een andere cliënt van ons kantoor om dezelfde reden vrij. In die kwestie relateerde de verbalisant dat hij zich de afstand tot de rijlijn niet meer kon herinneren.
Onze cliënten worden bijgestaan door mr. Tjalling van der Goot.
Volgens de verdediging is voor een betrouwbare meting door middel van de ´lasergun` noodzakelijk dat een meethoek bekend is. De hoek wordt gevormd door enerzijds de lijn van de lasergun tot de rijlijn en anderzijds de afstand van de lasergun naar het voertuig. De verhouding tussen beide gemeten afstanden moet in een minimale verhouding van 1:10 staan. Dit houdt in dat indien de afstand tot de rijlijn bijv. 15 meter is, de afstand tot het voertuig minimaal het tienvoudige, dus 150 meter, moet zijn.
In de Aanwijzing snelheidsoverschrijdingen en snelheidsbegrenzers d.d. 1 oktober 2006 van het OM is imperatief voorgeschreven dat het proces-verbaal vermeldt op welke afstand het voertuig is gemeten en wat de afstand tot de rijlijn is geweest.
De rechter sprak onze cliënten vrij omdat de plicht tot het vermelden van de afstand tot de rijlijn in de Aanwijzing van het OM is opgenomen om een zorgvuldige meting te garanderen. Nu de afstand tot de rijlijn niet was vermeld, kon het opgemaakte proces-verbaal volgens de rechter niet meewerken voor het bewijs. Nu het verder geen bewijsmateriaal was, spraken de rechters onze cliënten vrij.